Een van de aanleidingen van deze ‘Droomplekken in de stad’ was de geplande tentoonstelling over het werk van Piet Oudolf in de Kunstkerk. De samenwerking om deze avond te organiseren kwam eigenlijk heel vanzelfsprekend tot stand, voortkomend uit een gedeeld enthousiasme over zijn werk. Oudolfs manier van werken heeft de aandacht voor natuur in de stedelijke omgeving verder aangewakkerd en steden de laatste jaren veel meer kleur gegeven. Dit succes toont het belang van hoe bloemen, planten en tuinen onze leefomgeving verrijken, van een kleine bloementuin voor je deur tot een groot stadspark. Groen maakt de stad niet alleen mooier, maar ook gezonder, levendiger en socialer.
Tijdens deze inspirerende avond lieten de sprekers een breed spectrum aan invalshoeken zien van hoe de natuur aan terrein aan het winnen is. Na een korte introductie van Maartje Roggeveen (Kunstkerk) en Hendrik Jan Groeneweg (Stichting De STAD) kreeg Climmy Schneider het podium. Als landschapskundige heeft ze vele beplantingsplannen gemaakt voor diverse opdrachtgevers. Ze werkt daarbij regelmatig samen met verschillende landschapskundige bureau’s en ook met Piet Oudolf. Haar verhalen zijn vooral voorbeelden hoe natuur vaak belangrijker blijkt te zijn dan vooraf gedacht en mogelijkheden schept voor een prettigere leefomgeving. Zoals de nieuwe tuin van Brainport Industrie Campus Eindhoven waar ze een terras toevoegde waar de Campus niet om had gevraagd. ‘Die nerds gaan toch nooit buiten zitten’ was de boodschap. Na verloop van tijd bleek het terras een erg populaire plek te zijn geworden om te lunchen en met elkaar te genieten van de tuin. Ook tijdelijke (groene) ingrepen en geveltuintjes zijn in haar ogen belangrijk om te koesteren; ze leveren een grote bijdrage voor behoud van insecten en bieden een prettige omgeving.
Peter Veenstra van LOLA Landscape Architects schaakt op meerdere borden tegelijk: van strategische en langlopende projecten (Singelpark Leiden)naar installaties (Eruptie Amersfoort / Composed Nature Neerpelt) tot landschapsontwerp (Waterforum Luxemburg). LOLA wil goede verblijfplekken maken, maar tegelijk ook bewustwording creëren en als het even kan met humor. Veel van hun ontwerpen gaan over ‘kleine genoegens’ en het omarmen van de mogelijkheden.
Stadsecoloog Geert Timmermans promoot graag de 3-30-300 regel: een vuistregel voor een gezonder en groener stedelijk leven. Elke woning moet 3 bomen kunnen zien, een buurt moet minimaal 30% boomkroonbedekking hebben en iedereen moet binnen 300 meter afstand van een groen gebied of park kunnen wonen. Inmiddels werken al heel wat gemeenten met deze regel om hun stedelijke omgeving verder te verbeteren. Hierbij kijkt hij o.a. naar welke eco-systeemdiensten hieraan kunnen bijdragen, zoals schoon water, bestuiving, klimaatregulering of recreatie. De gemeente Dordrecht probeert ook op meerdere manieren de natuur te stimuleren.
Leanne Stange stipt een aantal initiatieven aan; bijvoorbeeld de tegelophaalservice, de mogelijkheid om een tuincoach aan te vragen, sociaal tuinieren met een tuinmaatje of Biodivers Dordt. Veel inwoners maken inmiddels gebruik hiervan en laat het aantal geveltuintjes gestaag groeien. De gemeente legt hiervoor de randen aan en levert geschikte aarde; de bewoners planten zelf het groen en onderhouden het. Op veel plekken in de stad zijn inmiddels overtuigende voorbeelden te zien. Blijkbaar was er behoefte aan een avond als deze, want de Kunstkerk was goed gevuld. Hopelijk zorgt dit voor nog meer geïnspireerde inwoners die hiermee aan de slag gaan!





















